Interview Mark Olson, The Jayhawks

Mark Olson & Ingunn Ringvold
Playing this experimental folk music

Tekst: Kees Schepel – Beeld: Peter van Riel

Voorafgaand aan hun optreden dit najaar in Den Toei in Oss, mocht AmericA’s Kees Schepel een gesprek hebben met Mark Olson en zijn partner in leven en werk Ingunn Ringvold. Mark Olson is wel wat gewend. Als voorman van The Jayhawks kwam hij al begin jaren negentig naar Nederland. Hier stond men open voor de band. Het waren “The days of craziness”, alles kon. Er was volop geld, “and things…”. Hij heeft in die eerste jaren heel wat meegemaakt. De sfeer in de zalen waar werd opgetreden was ‘extremely rocking’. Mark Olson, samen met Gary Louris, er zijn er maar weinig duo’s die samen zo kunnen klinken.

Nu is alles anders. Olson verliet de Jayhawks om bij zijn toenmalige echtgenote Victoria Williams (dia aan MS lijdt) te kunnen zijn. Vooral de samenzang van Gary Louris en Olson bepaalde het geluid van de eerste Jayhawks platen. In 2011 maakten zij in een bezetting met beide heren nog een album, Mockingbird Time, maar de hereniging bleek vooral in de onderlinge verhoudingen geen groot succes. Inmiddels is Olson alweer 11 jaar samen met de Noorse Ingunn Ringvold. Zij ontmoetten elkaar in 2006 na een optreden van Olson in Bergen, Noorwegen. Hun ogen vonden elkaar en vanaf dat moment zijn zij samen verder gegaan. Hij geeft toe dat hij wat dwingend was. “Ik wist meteen dat dit goed was, ik wist ook dat we samen muziek moesten gaan maken”. Waarop Ingunn aanvult: “I knew you had a good personality”. “Het leven is beter nu”, vervolgt Olson, “hoewel het me een tijd gekost heeft om tot die conclusie te komen. My days of craziness and being on the road and feeling bad are over. I found where I want to be, after all these years”. Gewoon met z’n tweeën op toernee. Geen tourbus, geen tourmanager, zelfs geen vervallen bestelbusje. Gewoon met het openbaar vervoer, en zelf de spullen dragen, inclusief de instrumenten.

Joshua Tree
Hij beschrijft hun leven thuis, in Joshua Tree, in de woestijn, als huiselijk. “We cook, we clean, we make music”. In het boekje bij Spokeswoman of the Bright Sun staat een foto van Olson, zittend op een stoel met een microfoon en een geluidsinstallatie voor hem, ondertiteld ‘desert songwriting session’. “Ja, zo doe ik dat vaak! Ik werk zo de ideeën uit, tot we genoeg songs voor een album hebben. Ik wacht niet tot ik er veertig heb… Album uit, en dan touren, en zo proberen genoeg bij elkaar te krijgen om een volgend album te kunnen opnemen. Het bevalt me zo eigenlijk best… De tijden van veel geld herinner ik me wel, maar tegenwoordig gaat dat niet meer. Er zijn nog maar weinig bands die groots ondersteund worden. Ik mis dat ook niet. Het gaat nu veel meer om de liefde voor de muziek. Anders gaat het niet, anders kun je het niet meer opbrengen. Ik weet dat veel muzikanten klagen, dat het financieel haast niet meer op te brengen is, maar zoals het nu gaat vind ik het okee. I’ve always played music because I wanted to express things through melody and poetry”.

De Qanon
Op Spokeswoman of the Bright Sun bespeelt Ingunn Ringvold op een aantal nummers een Armeens snaarinstrument, de Qanon. Een soort liggende harp van abrikozenhout en snaren van vislijn. Ze is daar min of meer bij toeval mee in aanraking gekomen. In eerste instantie door een tv show die zij bij Armeense vrienden in LA zagen. Daar kwam de Qanon in voor, en ze was erdoor geraakt, wist dat ze er ooit iets mee wilde gaan doen. Dat moment toen zij en Olson besloten naar Armenië te gaan. Door problemen met haar verblijfsvergunning voor de VS konden ze daar niet samen zijn. In Armenië kreeg zij les op de Qanon, en beheerste al gauw de belangrijkste technieken. Olsons missie, de trom leren bespelen, was wat minder succesvol, waarop hij zich in die zes weken vooral met liedjes schrijven heeft beziggehouden. “It was a fun experience!”.

Tijdens het optreden blijkt dat Ringvold de Qanon zodanig beheerst dat het een natuurlijk onderdeel van hun gezamenlijk geluid vormt. Je hebt niet het idee een of ander merkwaardig wereld muziek instrument te horen. De experimentele folk, of ook wel ‘sun-drenched, hand-crafted psychedelic pop’ van Olson en Ringvold, evengoed als de ‘oude’ Jayhawks-songs, klinken fris. De dagen van craziness zijn voorbij, maar anderhalf uur kijken en luisteren naar deze twee is een waar genoegen.

Omslag hoes ‘Spokeswoman of the Bright Sun’

Met dank aan Bert Pijpers